Skip to main content

‘Niet praten over maar mét kinderen’

Ravi (30) werkt als ervaringsdeskundige zzp’er in de jeugdhulp. Ook is hij als trainer verbonden aan ExpEx (Experienced Experts). Hier leidt hij nieuwe ervaringsdeskundigen op. ‘Er is in mijn jeugd behoorlijk wat misgegaan. Met mijn ervaring hoop ik andere jongeren te helpen die nu in hetzelfde schuitje zitten.’

 

Ravi werd op zijn zesde jaar uit huis geplaatst, net als zijn oudste zusje. Het jongste zusje bleef bij zijn moeder, die toen zwanger was van zijn broertje. Een lange periode van verschillende opvangplekken volgde. Ravi kwam in een pleeggezin, ging weer even terug naar zijn moeder, kwam in een kindertehuis en woonde daarna nog in twee andere instellingen.

 

ravi low res.jpg

´Ik kreeg steeds te horen dat het maar een tijdelijke plaatsing was. Hierdoor wilde ik me nergens thuis gaan voelen´

Ravi: ‘Ik heb de meeste tijd in groepshuizen doorgebracht. De laatste groep, waarin ik op mijn twaalfde terechtkwam, was een fijne plek. Eindelijk had ik het gevoel dat ik mocht blijven. Er werd niet gezegd dat ik weer terug zou gaan naar mijn moeder. Dat zou namelijk toch niet gebeuren. Er werd naar mij geluisterd en met mij gepraat. Niet óver mij.’

Zoveel gemist

Wat er misging in de opvang is duidelijk voor Ravi. ‘Mijn begeleiders zijn nooit eerlijk tegen mij geweest. Waar ik ook werd geplaatst, altijd kreeg ik te horen dat ik snel weer terug zou gaan naar mijn moeder, dat het maar een tijdelijke plaatsing was. Hierdoor heb je nergens rust en wil je je ook nergens thuis gaan voelen; je gaat toch bijna weer weg. Denk je. 

Mijn twee zussen, mijn broer en ik zijn niet samen geplaatst. Daar hebben we nog steeds last van. We hebben zoveel van elkaars leven gemist. We zien elkaar wel, maar een echte emotionele band hebben we niet. Met mijn moeder heb ik inmiddels weer een goed contact, maar ook met haar mis ik die warme connectie.’

Aandacht voor het kind

Wat er in de jeugdhulp anders moet? ‘Ik denk dat er veel beter gekeken en geluisterd moet worden naar het kind. Wat is er precies aan de hand en wat heeft dit kind nodig? In mijn geval was het veel beter geweest als ik samen met mijn zusjes en broertje in één gezin was geplaatst. Ik ben ervan overtuigd dat samen opgroeien in een fijn gezin, met toegewijde gezins- of pleegouders, de familieband met mijn zussen en broer had versterkt.’

Tekst: Linda Smolders